Interview: Lode Devroe, Hec Leemans en Els Verlaak!
"Ik heb me ferm geamuseerd met allerlei vroegmiddeleeuwse tronies te tekenen."
Eind juni verschijnt er - naar aanleiding van BD Comics Strip Brussel 2009 - een stripalbum over Brusselse sagen en legenden. In samenwerking met de Vlaamse Gemeenschapscommissie te Brussel heeft de Vlaamse Onafhankelijke Stripgilde (VOS) zijn leden opgeroepen om mee te werken aan deze strip. Het kruim van de Vlaamse stripwereld reageerde massaal en positief en dat levert een resultaat op dat zich kan profileren als dé staalkaart van wat het Vlaamsche striplandschap te bieden heeft. Nooit geziene samenwerkingen in dit album zal u tegenkomen die telkens een Brusselse legende of sage onder handen neemt. Het stripboek wordt gecoördineerd door Stripgilde-voorzitter Marc Verhaegen, bijgestaan door zijn enthousiast bestuur. Stripelmagazine geeft u elke week tot de voorstelling van het album een fijn teasertje mét interviews waarin u kan kennismaken met scenaristen, tekenaars, inkters en inkleurders van dit originele project!
Deze week geven Lode Devroe (tekeningen), Hec Leemans (tekst) en Els Verlaak (inkleuring) tekst en uitleg bij hun samenwerking!
Door Kurt Morissens
Was dit jullie eerste samenwerking op professioneel gebied?
Hec Leemans: Inderdaad, eerste samenwerking. Maar wel leuk.
Lode Devroe: Door het Brusselse Legenden-project heb ik beroep gedaan op Els voor het inkleuren van illustraties van een schoolboek. Met weliswaar heel andere kleurschema’s.
Els Verlaak: Met Hec was het de eerste samenwerking, met Lode, zoals hij al zei, waren we al iets vroeger aan het samenwerken. Dankzij dit project, want daarvoor kenden we mekaar helemaal niet behalve via het stripgildeforum. En we hebben mekaar nog nooit ontmoet, maar via email kan je tegenwoordig perfect samenwerken. Dat kan dus wel eens grappige situaties opleveren de volgende keer dat de stripgilde samenkomt...

Kenden jullie elkaars werk al?
Els: Ja, via het stripgildeforum en ook op het internet kan je gemakkelijk werk van Lode vinden. En Hec's oeuvre daar kan je niet naast kijken!
Hec: Ik ken Lode Devroe al jaren van bij de Stripgilde. Els ken ik niet. Ik herinner me niet dat we elkaar ooit zouden hebben ontmoet.
Lode: Ik kende uiteraard Hec’s werk. Ik herinner me ook m’n eerste stappen naar de Stripgildevergaderingen met m’n tekenbeginseltjes zowat 25 jaar geleden. De toen jonge generatie mocht z’n werk voorleggen aan de profs. Het was vaak bij Hec dat ik terecht kwam. Hij was altijd zonder franje maar rechtvaardig. En daar heb je als beginneling het meest aan. Recent heb ik nog eens naar de lijst van de Bakelandt titels gekeken, behoorlijk indrukwekkend.
Hoe heb je de samenwerking ervaren?
Hec: Het is eens iets nieuws. Het was niet makkelijk om van het magere en weinig precieze gegeven toch een leesbaar verhaaltje te maken.
Lode: Dat verliep vlekkeloos. Eigenlijk liet Hec me m’n gang gaan. Els heb ik vooraf wat kleuradvies gegeven, meer specifiek een beperkt kleurpalet - minder is altijd meer - en ze heeft er zich prima mee uit de voeten gewerkt. Er zit door haar toedoen een onwaarschijnlijke diepte in de platen.
Els: Zeer plezierig! De samenwerking met Lode was zeer intens, we zijn aan de platen blijven sleutelen tot we helemaal tevreden waren.
Welke legende hebben jullie verstript?Els: Vrouwkensavond. Dat vond ik meteen een intrigerende titel, een verhaal met een vrouwelijke inslag, of dat hoopte ik toch; dat is toch weer iets anders en ik hou wel van diversiteit. En die verwachting werd ingelost, het is een warm, maar vooral erg grappig verhaal!
Hec: Ja, Vrouwkensavond. Schijnt iets typisch Brussels te zijn. Ik kende het niet.
Lode: Vrouwkensavond dus, hé. Ik kende de legende niet, en heb ze ook niet vooraf opgezocht. Ik laat me soms graag verrassen. Er stond ‘vrouwkens’ in de titel. En dat stemde me al behoorlijk enthousiast. (lacht)
Smaakt dit naar meer?
Els: Yep!
Hec: Ik heb al te veel om handen. Het is goed zo.
Lode: Dit smaakt voor mij zeker naar meer. Ik moet wel toegeven dat ik toen ik het scenario voor het eerst onder ogen kreeg, even geschrokken heb: de 11de eeuw, massataferelen, paarden...
Dat was wel héél ver weg van het New Mexico van 1947 met z’n eenzame woestijnen en roestige Buick’s. Maar geleidelijk aan begon er een oude liefde boven te komen: de vroege middeleeuwen. Daar heb ik sinds John Boorman’s ‘Excalibur’ altijd iets mee gehad: het ruwe van die tijd, onversneden heroïek, het schimmige van de Tempeliers, het mystieke van het kruissymbool... Bovendien had ik 20 jaar geleden een reeks uniformenboekjes gekocht van de Kruistochten nog wel...ik heb ze vanonder het stof moeten halen. Vorig jaar waren we op reis in Aveyron (Frankrijk). Het landschap is er bezaaid met restanten van de ‘dark ages’... Dus ik was al wat opgewarmd.
In hoever kennen jullie het huidige Brussel? Heeft deze opdracht je nieuwsgierig gemaakt om meer over de stad en haar verleden te weten te komen?Hec: Ik ken Brussel wel redelijk goed. Ik heb de stad soms gebruikt als decor in Bakelandt.
Lode: Ik ken (van de boekskes) of hou vooral van het Brussel van de vijftiger/zestiger jaren met z’n magnifieke torens in EverMeulen groen. Jammer genoeg is er zo’n tiental jaar geleden een kortkwiekplan doorgevoerd om elke toren rond het centrum te onthoofden, zoniet helemaal met de grond gelijk te maken. De Martini-toren, de Lotto-toren, ...wat jammer dat men dat nooit heeft kunnen tegenhouden...gelukkig bestaan er nog boekskes waarbij je kan dromen van een nu helaas imaginair Brussel. Om maar te zwijgen van die prachtige paviljoenen uit Expo 58 die er nu niet meer zijn : de pijl van de Burgerlijke Bouwkunde, het Philipspaviljoen... Pure staaltjes van revolutionaire vorm en constructie en visie. Brussels was ooit de atoomstijlstad bij uitstek. Vorige zomer was er een oldtimersbeurs aan het Atomium. Ik ben eens onder dat gigantische ding gaan staan. De voorbijschuivende wolkslierten weerkaatsten in het metaal van de hoogste bollen. M’n blik daalde af langs de trappen.
Wat verderop stond een Panhard bouwjaar 1958, zo ene met een koplamp in het midden. Ik dacht, had ik nu maar een sleutel ...kon ik eens op wolkenjacht gaan zoals in de Wolkeneters. Ach...ach.
Els, in je vorige interview zei je dat je dankzij je research heel wat interessante zaken bent tegengekomen in Brussel. Kan je ons daar voorbeelden over geven?
Els: Wat me vooral opviel, is dat Brussel een veel charmanter en rijker verleden heeft dan dat ik op het eerste gezicht zou denken van zo'n grootstad. Maar ik kan niet zeggen dat ik zoveel weet van Brussel, dus dat is nog een goede reden om uit te kijken naar het album!
Wat vonden jullie het moeilijkst aan deze opdracht?Hec: Het bewerken van het gegeven, dat eigenlijk geen gegeven is.
Lode: Ik dacht dus dat er vanalles moeilijk ging zijn (paarden, massataferelen), maar uiteindelijk bleek net datgene een plezier om te tekenen. Ik heb me ferm geamuseerd met allerlei vroegmiddeleeuwse tronies te tekenen. Ik heb wel hard moeten zoeken om ook maar iets uit de elfde eeuw terug te vinden in het huidige Brussel en via Google. Totdat ik stuitte op een heuse folder: de stadswallen van Brussel! Hoedanook, veel is er niet van overgebleven. Hoe de torens van Brussel er toen uitzagen, ik vraag me af of de historici het zelf weten. De gotiek moest nog uitgevonden worden. En veel kerken zijn later verbouwd en verbouwd.
Wat heb je eigenlijk nog opgestoken via deze opdracht, Els? Wat heb je nog bijgeleerd?
Els: Lode kan naar mijn mening fantastisch goed inkleuren, en ik heb heel wat bijgeleerd over het kiezen van kleuren, onder andere door op zijn kleurenpalet verder te werken en door zijn suggesties om bijvoorbeeld een bepaald gevoel nog iets meer naar voor te brengen door de kleur aan te passen!
Als je zelf zou mogen kiezen, welke legende zou je dan eens graag uitbeelden?
Hec: Met legenden stop ik voorlopig!
Lode: Van de Brusselse legendes weet ik niks. Van de moderne UFO-mythes daarentegen...
Els, je kleurt nu verschillende verhalen in. Had je ook niet graag zelf een verhaal willen uittekenen? En in welke stijl zou dat dan zijn?Els: Absoluut! Ik heb helaas geen idee hoe ik mijn stijl moet benoemen en ik teken dan nog graag in verschillende stijlen, mijn invloeden komen van realisme, manga, cartoon... dus de stijl zou uiteindelijk van het verhaal en ook de scenarist afgehangen hebben.
Is dit eigenlijk ook geen ideaal opstapje naar een grotere naamsbekendheid voor je? Of bekijk ik het project nu totaal verkeerd?
Els: Dat zou tof zijn! Tot nog toe ben ik veel meer bezig geweest met tekenen dan met de resultaten aan de wereld te laten zien, en als gevolg kent niemand me. En dat is natuurlijk ook de bedoeling niet.
Dat ze je portfolio dan maar eens bekijken! Het lijstje tekenaars, scenaristen, inkters en inkleurders die aan dit album meewerkten is indrukwekkend. Naar welk verhaal in dit album kijk je uit en waarom?
Hec: Ik heb geen idee.
Lode: Zoals ik al zei: ik laat me graag verrassen. Ik heb vooraf nooit verwachtingen.
Met dank voor de antwoorden!
Els: Graag gedaan!
De kostprijs van het album zal € 6,00 zijn. Het is een uitgave van de Vlaamse gemeenschapscommissie en de V.O. Stripgilde. Aan de cover van het album wordt momenteel gewerkt. Jean-Pol heeft de tekeningen gemaakt, Wim Swerts doet de inkleuringen.
Eerder in deze interviewreeks:
Tom Bouden en Sascha Van Laeken
Steven Dupré, Rik Dewulf en Els Verlaak
Reinhart Croon, Jeff Broeckx en Kurt Cassauwers
Gepubliceerd op 22 April 09 - 10:09
