Willy Linthout: “Ik vind dat een schrijver niet lui mag zijn en er zich gemakkelijk vanaf maken.”
En een journalist/lezer ook niet, vonden wij, en daarom trokken we voor de derde keer naar Willy Linthout, gevierd auteur van de Urbanus-strips, maar sinds een tijdje ook onder de aandacht met zijn intieme stripreeks over de verwerking van de zelfdoding van zijn zoon, Het jaar van de olifant. Het derde en vierde deeltje waren net verschenen, toen we hem opzochten op de boekenbeurs, en we hadden het plan om onze vorige interviews verder uit te diepen met een vraaggesprek over die deeltjes. Maar wat bleek? We hebben het helemaal niet over die deeltjes gehad, maar vooral over Het laatste station, een andere door Linthout geschreven strip (getekend door Erik Wielaert), delen vijf tot en met acht van Het jaar van de olifant, en Andy Sipowicz uit NYPD Blue! Willy Linthout kan je nooit genoeg interviewen…
Koen Van Rompaey
Willy Linthout: "Wel, ik heb dat eens uitgetest op de beurs in Houten, en ik vond dat ik nog steeds integer met mezelf omging als ik dat op een bescheiden manier signeerde, geen uitbundige tekening, maar iets kleins, een krijtlijn, het ademapparaat, … Dus ik doe het wel, ook hier op de boekenbeurs, maar als ze mij bepaalde opdrachten willen geven, zal ik dat zeer waarschijnlijk weigeren. Er zijn een paar dingen die ik er wel in wil zetten, maar daar houdt het op. Het moet tegenover mezelf nog altijd sereen blijven, vind ik."

Heb je dat veel voor, tekeningjagers die om indiscrete opdrachten in Het jaar van de olifant vragen?
"Tot nu toe gelukkig niet. De mensen die dat kopen, weten duidelijk wat ze kopen en in die zin krijg ik ook de juiste respons. Met Urbanus vragen ze van alles en nog wat."
Je hebt, vermoed ik, weinig lezers, die Het jaar van de olifant kopen omdat het een Linthoutstrip is. Ze kopen het veeleer omdat ze inderdaad weten wat het is, en omdat ze die strip, dat verhaal, dat relaas willen lezen.
"Ja, er zullen er misschien wel een stuk of honderd zijn, die het kopen omdat het een Linthout-strip is, maar de rest … en da’s ook mijn bedoeling, want de Urbanus-lezers gaan daar geen Urbanus-humor of –tekeningen in herkennen! Het is iets compleet anders. Ik zit ook op een andere manier achter mijn tekenplank. Het is een compleet andere ingesteldheid bij mij. Het is eigenlijk onvergelijkbaar met Urbanus. Ik moet in een totaal andere sfeer zitten om Het jaar van de olifant te tekenen. Ik moet mezelf daar ook maanden op voorbereiden om zo’n strip te tekenen."
Het onderwerp is sowieso slopend. Je hebt veel meegemaakt de laatste jaren. Als je ook nog eens telkens moet ‘verspringen’ van instelling, is dat dan niet extra vermoeiend? Ben je niet uitgeput na elk deeltje, of na elke dag werken aan Het jaar van de olifant?
"Nee, niet als ik het doe als ik me heel erg goed voel, en op die dagen moet mijn vrouw zeker ook thuis zijn. Ik heb eens een paar dagen zitten werken toen mijn vrouw op reis was, en toen ging het niet. Maar over het algemeen geeft het me toch ergens ook een goed gevoel. Als ik daar aan werk, dan ben ik op een of andere manier ook dichter bij mijn zoon.
Soms is het eens moeilijk, en dat is dan op onverwachte momenten. Ik heb bijvoorbeeld al in deeltje vijf een scène met een trein, en ik dacht dat dat heel moeilijk zou zijn voor mij om te tekenen, maar dat was niet zo. Maar in deel zes zit er een scène waarin de eenzaamheid van Karel enorm geïllustreerd wordt, en toen heb ik met tranen in mijn ogen zitten tekenen. Ik kan het niet voorspellen wat me persoonlijk echt raakt. Maar meestal is het niet slopend, nee. Ik moet nu nog twee delen tekenen, en ik weet van mezelf dat ik het enorm zal missen als het gedaan is."

Ben je al bezig aan de laatste twee delen?
"Ik ben er al aan bezig. Ik ben het scenario stilaan bijeen aan ’t schrijven, nu eens hier een stuk, dan weer daar… maar het zal nog wel een maand of vier duren eer de scenario’s van deel zeven en acht op punt staan. Of misschien nog wel veel langer, ik weet het niet, ik zet er nooit een datum op. Nu, de eerste zes delen zijn er op vrij korte tijd gekomen, maar op het moment heb ik helemaal geen zin om de laatste twee delen te tekenen… Ik weet het niet."
Heb je er nu al enig zicht op of je het volledig wil afsluiten (Het jaar van de olifant zal uit acht delen bestaan, nvdr) of zeg je net het omgekeerde, dat je opnieuw interviews zou willen geven na die acht delen omdat je dan pas weet hoezeer het je heeft geholpen, en hoezeer het je heeft veranderd om die ervaringen in strip te gieten?
"Ik zal in elk geval na die acht delen veel meer te vertellen hebben! Als ik nu begin over de zaken die in deel vijf en zes zitten, dan verraad ik het al een beetje. Ik weet waar het allemaal naartoe gaat. Er zit toch ook redelijk wat kritiek op bepaalde toestanden in, of toch in elk geval een aantal vragen. En voor de rest, we zien wel, hé?"
Je had het daarstraks over Urbanus-humor en over de tekeningen van Urbanus. Jouw strips – en Het laatste station heeft dat ook heel erg hard – die zijn heel hyperkinetisch. Die springen vaak van de hak op de tak. Als je dat in andere strips ziet, dan rijst er vaak de kritiek – ook bij mij – dat het overhaast overkomt. Maar jij schijnt er steeds weer mee weg te komen. Bij jou werkt het. Heb je daar zelf enige verklaring voor? "Ja, zeker bij Urbanus ben ik daar al een aantal keren op aangesproken. En nu krijg ik ook wel te horen dat er ontzettend veel gebeurt in dat eerste deel. Ik kan alleen maar zeggen dat ik hou van die stijl en dat tempo, en dat mij dat heel goed ligt. Zelfs in Het jaar van de olifant gebeurt er soms heel veel in een deeltje, en zijn er heel veel achterliggende gedachten. Maar inderdaad: Het laatste station, heb ik eigenlijk gewoon gemaakt omdat ik het leuk vond. En eigenlijk vind ik inderdaad ook dat ik ermee weg kom!" (lacht)

Je bent inderdaad een meester van de hyperkinetische strip. Zie je het nog in andere strips? Zie je andere auteurs die er ook mee wegkomen?
(denkt na) "Die vraag is mij nog nooit gesteld… Ik zou het niet direct kunnen zeggen… Misschien The freak brothers, daar gebeurt volgens mij ook heel veel in. Ik weet niet waarom dat nu plots bij mij opkomt, het is een Amerikaanse strip die toch wel verwant is met en familie is van Urbanus. Bij Crumb gebeurt er veel, maar niet zo veel.
Weet je bij wie er ook heel veel gebeurt: bij sommige strips van Alan Moore! Bijvoorbeeld die parodie op de Amerikaanse politieseries, hoe heet het weeral… Top 10! En hij had in die tijd nog zo een aantal reeksen zoals Tom Strong. Er gebeurde altijd ontzettend veel. Ik vind dat wel leuk. Ik vind dat een schrijver niet lui mag zijn en er zich gemakkelijk vanaf maken.
Wat ik zie gebeuren op het moment, vooral bij het weekblad Robbedoes – wat alleen nog maar Spirou is, en niet meer in het Nederlands verschijnt – waar tegenwoordig vooral de ‘één-pagina-stripkes’ in een schichtige stijl in getekend worden, en waarin zodanig weinig gebeurt… ik vind dat persoonlijk niet leuk. Het schijnt wel te werken, die boeken schijnen te verkopen. Wat het publiek betreft oké, maar wat mijn smaak betreft… zelfs in Roboboy proberen we op die één pagina toch nog redelijk wat te laten gebeuren!"

Ik had een boutade klaar – en daarmee keer ik terug naar de eerste vragen: mag ik zeggen dat kunst verlost? Geldt dat voor jou met Het jaar van de olifant?
"Goh, ik weet niet of dat kunst is, hoor… "
Het mag ook kunst met een kleine ‘k’ zijn, hoor…
"Jamaar, nee, als je het kunst noemt, moet dat wel met een grote ‘k’ zijn, hé! Jíj moet zeggen dat het kunst is met een grote ‘k’, en ík moet zeggen dat het kunst is met een kleine ‘k’, gij toch niet!" (algemene hilariteit)
Allez, kunst met een grote ‘k’ dan…
"En nu moet ik dat weer afzwakken… Neen, serieus, ik heb me eigenlijk altijd meer stielman gevoeld als kunstenaar, en zeker met Urbanus, en met de andere gevoelens die ik heb… Het jaar van de olifant, ik weet het niet, misschien kan je het kunst noemen, ik weet het niet… Wat ik wel merk, is dat ik uit totaal andere hoeken gecontacteerd wordt met deze reeks, en dat is raar voor mij. Er is nu bijvoorbeeld ook al een museum dat iets doet rond strips, en die willen ook een aantal tekeningen ophangen. Dat zou nooit gebeurd zijn met Urbanus. Maar uw vraag was eigenlijk of kunst verlost en of dit verlossend werkt voor mij, en ik moet zeggen: ja!"

Terug naar Het laatste station. In een vorig interview met Stripelmagazine werd al duidelijk dat de samenwerking tussen jou en Erik duidelijk is: Erik tekent en voert uit wat jij schrijft. Aanvaard je ook advies of tips of hints van Erik, of zegt hij helemaal niks over het scenario en voert hij werkelijk enkel uit?
"Hij zegt nagenoeg niks over het scenario. Soms eens een onregelmatigheid, of iets dat niet duidelijk gesteld is door mij, maar dat is ontzettend weinig. Hij is vooral uitvoerend artiest. Hij ziet dat ook als míjn strip. Hij doet dat eigenlijk voor mij. En ik waardeer dat enorm. Maar ik moet zeggen: iedere pagina die ik doorgemaild krijg, vind ik mooier dan dat ik ze in mijn hoofd heb. Dus hij begrijpt het ontzettend goed. Hij is altijd onmiddellijk mee met alles. Ik verschiet ervan. Het is een ontzettend goede, gemakkelijke samenwerking."
Je hebt zelf Erik gecontacteerd. Waarom dacht je aan Erik?
"Omdat ik vond dat hij heel erg mooi tekent, en dat hij wel eens een paar mooie kleurenalbums verdiende!"

Helemaal akkoord! Een totaal andere vraag: het hoofdpersonage van Het laatste station, Vandermeulen, doet mij heel erg hard denken aan Andy Sipowicz, een personage uit NYPD Blue – en er zit een hint in de strip: ergens zie je de serie op tv. Is dat bedoeld, of was dat toevallig?
"Nee! Eindelijk komt er eens iemand af die dat door heeft! Maar blijkbaar kijkt haast niemand naar NYPB Blue! Ze hebben al de vergelijking getrokken met Witse, maar ik heb Witse nog nooit van mijn leven gezien, en ik heb wel alle afleveringen van NYPD Blue gezien!
Ik ben een enorme fan Steven Bochco, de producent en schrijver. Ieder klein ding dat Bochco doet, wil ik weten en horen en zien. Eveneens van David E. Kelley: Ally McBeal, LA Law… Voor LA Law heeft hij ook samengewerkt met Steven Bochco en zo, dus dat is absoluut geen toeval. Ik vind dat Vandermeulen lijkt op Andy Sipowicz, en dat is honderd procent de bedoeling. Alleen is Vandermeulen wel nog een heel stuk doorgedraaider dan Sipowicz. In de volgende delen zal dat ook blijken, het gaat véééél verder, en je zou het voor een stuk een parodie op NYPD Blue kunnen noemen, wat dat figuur betreft dan…
Voor de rest heeft het er bijzonder weinig mee te maken. Ik heb wel ook de schrijftechniek van Bochco twintig jaar bestudeerd – en dat zit ook in Urbanus. Er zitten heel veel technieken en systeempjes in van NYPD Blue, van Hill street blues…
Zoals welke technieken of systeempjes?
(ernstig) Dat ga ik niet vertellen! (licht vervolgens zonder overgang een van zijn basistechnieken toe) Steven Bochco was in de tijd met Hill street blues, de voorloper van NYPD Blue, de eerste die verschillende verhaallijnen door elkaar weefde in één aflevering. Alle feuilletons daarvoor behandelden één onderwerp en dat één onderwerp werd over een volledige aflevering uitgesponnen, maar Bochco maakt het plots veel ingewikkelder! En het is verrijkend en vermeerderend! Als je kijkt naar NYPB Blue, dan gebeurt daar net zoals in Het laatste station heel erg veel door elkaar. Ze zijn met verschillende zaken tegelijk bezig, en dan hier een stukje, en dan daar een stukje, en toch hebben ze soms eens een wending… en die systemen gebruik ik al twintig jaar. Maar op een totaal andere manier.

De beeldmontage van NYPD Blue die zou je ook hyperkinetisch kunnen noemen?
"Ah ja, uiteraard, en zeker in het begin! Camera’s die almaar rondzwieren van hier naar daar, die ze gewoon in de hand dragen, die nooit op een statief staan, het is totaal hyperkinetisch, en dan nog een halve getikte Sipowicz erbij in sommige afleveringen… Het valt mij op dat er zeer weinig mensen zijn die het zien dat het daarmee te maken heeft."
Normaal moet jij met Urbanus onder vrij grote tijdsdruk werken… de meeste tekenaars bij Standaard Uitgeverij moeten toch onder vrij grote tijdsdruk werken. Ik neem aan dat dit voor Het laatste station minder het geval is, dat ze minder eisen op dat vlak? Of is dat ook zo, en in hoeverre kan je daar dan nog mee doen wat je ermee wil doen?
"‘t Is niet zo. Ik werk onder geen enkele tijdsdruk. Ze hebben gewoon geluk dat ik veel werk, de uitgevers. Het is zo dat ik me, sedert Sam overleden is, stilaan voorgenomen heb enkel nog te doen wat ik graag wil doen. En als ik ’s morgens opsta, dan zal ik beslissen wat ik wil doen. Als het die dag zo is dat ik een dag ga fietsen, dan teken ik niet. Maar dat gebeurt zeer weinig. Meestal werk ik van maandag tot vrijdag. Maar met Urbanus is het zo dat er een jaar op voorhand al beslist wordt over de albums die gaan uitkomen. En ik vind dat prima, want ik werk ruim op voorhand wat dat betreft. Maar het is wel een beetje aan het verminderen. In hoeverre dat het de komende jaren zo zal zijn, dat is koffiedik kijken. Ik weet niet hoe ik mij ga voelen. Maar ik ben eigenlijk volledig vrijgevochten. Ik ben ook niet meer zo financieel afhankelijk van mijn inkomen van die strips. Dus ik doe wat ik wil doen, maar tot nu toe is dat nog altijd Urbanus maken, en Het laatste station, en Het jaar van de olifant."

Zijn jouw strips Het jaar van de olifant en Het laatste station ook geschikt om door kinderen gelezen te worden, of past het helemaal op het schap van de volwassenenstrip?
"Veruit het moeilijkste van hetgeen ik maak is Het jaar van de olifant. Het minst toegankelijke, het moeilijkst te begrijpen… Een ervaren (strip)lezer zal dat volgens mij probleemloos lezen en begrijpen, denk ik, maar iemand die alleen maar Suske en Wiske en Jommeke leest in de kranten, zal het er misschien toch wel wat moeilijker mee hebben.
Ik heb er al allerhande reacties op gekregen, en het is zeer moeilijk voorspelbaar hoe mensen reageren. Een aantal mensen waarvan ik dacht dat het niet voor hen geschikt was, hadden het toch wel door; van anderen kreeg ik dan de reactie wat voor een rare geest ik had en dat ze er helemaal niks van snapten. Het is geweldig moeilijk in te schatten! Wat ik wel ondervind: psychologen, psychiaters, mensen die zich bezig houden met relaxatietherapie… mensen uit die doelgroep, die mensen begrijpen het over het algemeen heel goed, en ik heb al heel veel reacties gehad van die kant. Het wordt ondertussen zelfs al gebruikt in lessen en zo, terwijl het nog niet helemaal af is. En kinderen: mijn broer heeft geprobeerd het te vertellen aan een kind van zeven jaar, en het samen te lezen, en hij zei dat het wonderwel goed ging, en dat hij dat op een bepaalde manier als kind leuk vond.
Ik heb in elk geval Het jaar van de olifant gemaakt met een volwassenen publiek voor ogen, en een publiek dat een beetje belezen is, of die toch wel een beetje ervaring hebben of zo… Mensen die hetzelfde hebben meegemaakt als ik, die snappen het van a tot z, zo’n reacties heb ik ook al veel gehad! Ik heb zelfs al een reactie gehad van een familie waar dat er in geen jaren gesproken was over de zelfdoding van een dochter, en die mensen zijn daar nu terug over beginnen praten aan de hand van die boekjes. Dat vond ik formidabel. Daar ben ik heel blij mee. Zelfs al is er maar één gezin waardoor dat ze er terug over beginnen praten, dan heb ik toch al iets fantastisch bereikt?"
Inderdaad! Bedankt voor het interview!
Meer info!

Het jaar van de olifant 3 + 4
Ademnood/Verstoord contact
Willy Linthout
Uitgeverij Bries
5,00 euro
Het laatste station 1
Devil's cave
Wielaert/Linthout
Standaard Uitgeverij
7,95 euro
Urbanus 126
Urb en anus
Linthout/Urbanus
Standaard Uitgeverij
4,25 euro
Gepubliceerd op 19 November 07 - 08:41
Als maatschappelijke, volwassen strips kunnen worden gezien als kunst, is het dan mogelijk vast te stellen dat deze strips kunnen gezien worden als gewaardeerde, volwaardige literatuur in’t algemeen? En vindt u dan ook dat deze volwassen, geëngageerde strips bv. op een boekenlijst voor het vak Nederlands in scholen mag gezet worden als evenwaardige literatuur?
Kasper (Email) - 18 10 09 - 13:24
Je redenering klopt niet. Het is niet omdat het ook kunst is dat het ook een boek is. Een schilderij is ook kunst, en dat komt ook niet op een boekenlijst.
Waarmee ik niet beweer dat de strips waar jij het over hebt niet in een klas moeten kunnen besproken worden.
Jim - 18 10 09 - 19:23
En als we nu even die kunst achter wegen laten, vind je dan niet dat de volwassen strip een inhaalbeweging maakt, want tenslotte vinden de meeste lezers strips minderwaardiger als een goed boek. Want de meesten geraken maar niet van het Jommeke, Suske en Wiske gehalte.
kasper (Email) - 18 10 09 - 21:43
